Na alle mislukte pogingen om naar New York te komen (koffertjes nog steeds niet terug by the way) kregen we op 2e kerstdag bij de Nederlanden een aardig boekje met bijzondere hotels en restaurants in Nederland. Al bladerend, troffen we naast een aantal usual suspects ook tal van juweeltjes, die tot op heden aan de aandacht waren ontsnapt.
En omdat we na onze luchtvaartperikelen toch een week over hadden, raakten we geïnspireerd om er een paar dagen in eigen land op uit te trekken. Het oog viel op kasteel TerWorm in Heerlen. Het van der Valk vlaggenschip, zo lazen we.
Nu weten trouwe lezers dat we nog wel eens ergens komen en dat we de Guide Michelin, de Lekker én de GaultMillau inmiddels van voor tot achteren uit hebben. Maar minder bekend is dat ik minimaal 1 keer per jaar bij de Valk MOET eten. Mijn klassieker: het Russisch Ei. Inmiddels sedert enige jaren tot mijn grote verdriet van de kaart verdrongen door een hors d'oeuvre die het -al was het om nostalgische redenen- toch nog steeds aflegt tegen dat metalen schaaltje met fabriekshuzaar met eieren, schelvislever, garnaaltjes, paling en blikzalm, weg te scheppen met grote hoeveelheden toast en boter.
Wat een adembenemende cultuurschok bleek TerWorm. Prettig geprijsde topkamers voorzien van ieder denkbaar gemak, zeldzaam vriendelijke en geïnteresseerde professionals in iedere functie én buitengewoon aangenaam knaagwerk.
Van de ontbijtdames die na één keer onthielden hoe de ochtendkoffie werd geprefereerd tot de werkelijk uitmuntende zwarte brigade in het restaurant, die vanaf de eerste bestelling wisten dat een limoentje in de cola light de voorkeur had boven een schijfje citroen: zelden kwam ik in de laatste jaren zo'n goed gerund "schip" tegen. Menig 4 en 5 sterren hotel kan hier nog een hele flinke punt aan zuigen.
Omdat zo'n beetje de hele Limburgse culinaire royalty de deuren na oud en nieuw had gesloten -antwoordapparaten bij ondermeer van Wolde, Hermsen, Margot Reuten en onze Valkenburgse held Hubert Haenen- hebben we de kaart van TerWorm uitgebreid afgevinkt. En eten bij SVH-meesterkok Andy Brauers bleek geen straf. Hij serveerde ons misschien wel het lekkerste stukje ree van de de afgelopen 10 jaar en een voorbeeldige pasta met gegrilde gamba's (gamba's bakken, mijn kokkietest), perfect op smaak en precies goed van cuisson.
En als er al iets af te dingen is aan de super ervaring in Gerrit's kasteel, al is het minuscuul, dan zijn dat de wat merkwaardige creaties die aan de meer dan uitstekende maaltijden voorafgingen.
De amuse van snijboonmousse was al pure culinaire waaghalzerij, maar de mousse van zwezerik met decaf koffie (hûhh??), witlof én roggebrood kruimels is objectief niet amusant. Mousse van orgaanvlees als lever, niertjes, en zwezerik wordt van zichzelf al snel een tikje bitter en als daar dan ook nog koffie én witlof én roggebrood aan worden toegevoegd, dan zijn mijn pappillen echt tot diep in de maaltijd in paniek. Ik denk dan, je staat top te koken, dat heb je niet nodig. Wat wil je met deze lawaaiamuses bewijzen?
Maar los van die triviale kanttekening, zien ze ons zeker terug in TerWorm. In het voorjaar bijvoorbeeld, als het nu dik ondergesneeuwde terras op volle toeren draait. Ik kan me ook heel goed voorstellen dat het de perfecte locatie is om er een zakelijk of familiair uitje te plannen.
Als je het gemiddelde neemt van de meest recente beoordeling van Michelin, Millau en Lekker, komt TerWorm op een respectabele 8,25. Ik zeg: volledig verdiend!
Reacties